Denk jij erover om een scriptie te schrijven over het onderwerp terugkeer, dan horen wij dat graag. Wil je wel graag 'iets' doen, maar weet je nog niet precies wat, dan staan hieronder een aantal onderwerpen die wij interessant zouden vinden en die jou zouden kunnen inspireren. Uiteraard zijn ook andere, relevante onderwerpen welkom.
Let op! IOM heeft geen basisbudget om onderzoek door studenten financieel te ondersteunen. Wel kan IOM, voor zover het onderwerp voldoende relevant is en dit praktisch haalbaar is, het onderzoek bijstaan met advies, feedback en evt. de publicatie van de resultaten als working paper of in een andere vorm.
Voor meer informatie: Esther van Zadel, Project Manager AVR Research, evanzadel@iom.int.
Voorbeelden van onderzoeksonderwerpen
Terug naar het land van herkomst of terug naar
'thuis'?
Wanneer asielzoekers of migranten geen verblijfsrecht in Nederland
(meer) hebben, zijn zij juridisch verplicht om het land te
verlaten. Omdat het voor veel van hen niet mogelijk is om op legale
wijze naar een derde land door te reizen, betekent dit vertrek al
snel terugkeren naar het land van herkomst. Hiermee is aan de
vertrekverplichting voldaan. Er kan echter een groot verschil
bestaan tussen het terugkeren naar het land van herkomst en naar
het 'thuis' van de migrant, zoals bijvoorbeeld het
oorspronkelijke dorp waarmee voor de migratie woonde. Hierbij
kunnen vragen aan bod komen zoals: waarom kiezen terugkeerders
wel/niet voor het terugkeren naar de oorspronkelijke woonplaats?
Welke obstakels (bijv. qua sociaal netwerk) komen terugkeerders
tegen wanneer zij niet naar hun oorspronkelijke woonplaats
terugkeren, maar bijvoorbeeld naar een grote stad in hun land van
herkomst waar ze niet eerder hebben gewoond?
De invloed van migrantengemeenschappen op de
beslissing om terug te keren
Ondersteuning van terugkeer gebeurt in Nederland op individuele
basis. Het nemen van de beslissing om al dan niet terug te keren is
echter vaak verre van een individuele. In de literatuur over
migratiebeslissingen wordt veel aandacht besteed aan de invloed van
o.a. de achtergebleven familie in het land van herkomst, die
bijvoorbeeld afhankelijk is van het geld dat de migrant
terugstuurt. Minder informatie is beschikbaar welke invloed de
migrantengemeenschap waarin men zich in het gastland bevindt heeft
op deze beslissing. Uit de praktijk blijkt dat gemeenschappen de
terugkeer van één van hun landgenoten soms kan zien als bedreiging
voor hun eigen kansen om in Nederland te mogen blijven. Aan de
andere kant kan het gebeuren dat de gemeenschap een individu juist
motiveert om terug te keren. Het in kaart brengen van deze invloed
kan een interessant onderzoeksonderwerp zijn.
De fungibiliteit van terugkeer- en
herintegratieondersteuning
Het bieden van materiële ondersteuning aan vrijwillig terugkerende
migranten is een steeds belangrijker onderdeel van het Nederlands
terugkeerbeleid en de activiteiten van betrokken organisaties. Deze
ondersteuning is gekoppeld aan het idee van duurzaamheid, zowel
voor de migrant (betere herintegratiemogelijkheden) en voor de
ontvangende gemeenschap (positieve impuls in de lokale economie of
in ieder geval het ondervangen van een eventuele extra last door de
terugkeer). Voor de migrant kan het echter zo zijn dat de materiële
ondersteuning die wordt geboden niet noodzakelijk hetgene is dat
hij/zij denkt nodig te hebben. Misschien zou de migrant liever geld
hebben, of juist een ander goed dat niet wordt geboden door de
ondersteunende organisatie. Een mogelijke onderzoeksvraag zou
kunnen zijn in hoeverre terugkerende migranten materiële
ondersteuning anders inzetten dan bedoeld (bijv. door verkoop of
ruil) en in hoeverre deze 'fungibiliteit' impact heeft op
de duurzaamheid van de terugkeer en herintegratie.
Hoe kijken landen van herkomst naar het Westerse
terugkeerbeleid?
Bij terugkeer zijn minimaal drie partijen betrokken: de
terugkerende migrant zelf, het land van waaruit deze migrant
vertrekt en het land waar de migrant naartoe terugkeert. In grote
mate wordt het terugkeerbeleid echter bepaald in het land waaruit
de migrant vertrekt. Het land van herkomst heeft een internationale
verplichting om zijn eigen burgers weer op te nemen, maar moet ook
omgaan met de gevolgen van terugkeer. Uit de praktijk blijkt dat
het goed is meer aandacht te vragen voor de manier waarop landen
van herkomst naar het Westerse terugkeerbeleid kijken. Er is recent
bijvoorbeeld veel kritiek geweest van Zuid-Amerikaanse landen op de
zogenaamde Terugkeerrichtlijn, waarin Europabreed minimumnormen
voor terugkeerprocedures zijn vastgelegd. Deze werd door sommige
van deze Zuid-Amerikaanse landen gezien als een oneerlijke
behandeling van hun burgers die in Europa verbleven. Ook kan de
terugkeer van migranten - zeker als dit in grote aantallen gebeurt
- een belasting vormen voor de landen van herkomst. Aan de andere
kant hebben verschillende landen van herkomst een actief beleid om
hun eigen burgers (en in het bijzonder hoogopgeleiden) te motiveren
om naar hun thuisland terug te keren om daar bij te dragen aan de
economische ontwikkeling. Vanuit dit oogpunt kan het Westerse
terugkeerbeleid wellicht als aanvullend gezien worden. Een studie
waarbij de perspectieven van landen van herkomst beter in kaart
worden gebracht kan een waardevolle aanvulling zijn op huidige
discussies over terugkeer.